Voor advocaten en confraters
Onderworpen ondernemingen krijgen op de werkvloer soms een tekort aan handen om de antiwitwaswetgeving na te leven: de AMLCO valt uit, of de wet vraagt om meer expertise dan het team zelf heeft. Everest (anti)fraud biedt AML inhouse begeleiding op afstand of ter plaatse, van de risicobeoordeling tot de melding aan de Cel voor financiële informatieverwerking. Confraters verwijzen dit onderdeel van een dossier door wanneer het buiten hun eigen praktijk valt.
Welke verplichtingen legt de antiwitwaswet op aan een onderworpen onderneming?
De antiwitwaswet verplicht elke onderworpen onderneming tot een algemene risicobeoordeling, tot gedragslijnen en interne controle die in verhouding staan tot haar omvang, en tot een aangewezen verantwoordelijke op het hoogste niveau.
De antiwitwaswet van 18 september 2017 somt in artikel 5, paragraaf 1, limitatief op wie een onderworpen entiteit is, van de kredietinstellingen tot de bedrijfsrevisoren, de accountants en de notarissen. Artikel 7 legt daarna een risicogebaseerde benadering op: elke onderworpen entiteit voert de preventieve maatregelen uit in verhouding tot haar eigen inschatting van het risico op witwassen en terrorismefinanciering. Artikel 16 verplicht haar daarvoor tot een algemene risicobeoordeling die rekening houdt met haar cliënten, haar producten en diensten, de betrokken landen en de leveringskanalen.
Artikel 8 verplicht de onderneming tot gedragslijnen, procedures en internecontrolemaatregelen die evenredig zijn met haar aard en omvang, goedgekeurd door een lid van het hoger leidinggevend personeel. Artikel 9 vraagt daarnaast één verantwoordelijke op het hoogste niveau, en één of meer personen die de atypische verrichtingen analyseren en de melding aan de Cel voor financiële informatieverwerking voorbereiden. Het antiwitwasreglement van de Nationale Bank van België noemt die laatste persoon de AMLCO en verplicht hem tot een jaarlijks activiteitenverslag aan de effectieve leiding.
Artikel 10 verplicht tot een specifiek en onafhankelijk kanaal waarlangs personeelsleden vertrouwelijk en anoniem een inbreuk kunnen melden. Artikel 11 verplicht daarnaast tot permanente opleidingsprogramma’s voor het betrokken personeel. Beide verplichtingen missen controleurs het vaakst, en beide zijn precies waar een tijdelijke of een deeltijdse compliancefunctie het eerst achterstand oploopt.
Artikel 85 wijst per categorie een toezichtautoriteit aan: de Nationale Bank van België voor de kredietinstellingen, de FSMA, het Instituut van de Belastingadviseurs en de Accountants, het College van Toezicht op de Bedrijfsrevisoren en de Nationale Kamer van Notarissen, elk voor hun eigen beroep. Artikel 132 laat die toezichtautoriteit een administratieve geldboete opleggen tot 5.000.000 euro of tien procent van de jaaromzet voor de grootste categorieën, en tot 1.250.000 euro voor de cijferberoepen en het notariaat.
Wat doet Everest (anti)fraud bij een AML inhouse begeleiding?
Everest (anti)fraud vult op afstand of op de werkvloer zelf de rol van AMLCO of van compliancemedewerker in, en bouwt samen met de onderneming de risicobeoordeling, de gedragslijnen en het meldkanaal op die de wet vraagt.
Elke onderneming die onder de antiwitwaswet valt, heeft een andere uitgangspositie: een grote kredietinstelling heeft al een compliance-afdeling, een kleine onderneming van de cijferberoepen bouwt vaak voor het eerst een dossier op. Wij bekijken samen met u welke concrete noden er zijn: een tijdelijke vervanging van een afwezige AMLCO, ondersteuning bij een eerste risicobeoordeling, of begeleiding bij een controle door de toezichtautoriteit, of een volledige doorlichting via onze AML audit. Naargelang de situatie werken wij op afstand of bij u op de werkvloer.
Een groot deel van het dagelijkse werk zit in het cliëntonderzoek: artikel 21 verplicht tot identificatie bij elke zakelijke relatie, en vanaf 10.000 euro ook bij een occasionele cliënt. Artikel 60 verplicht daarna tot een bewaartermijn van tien jaar voor de identificatiegegevens en de bewijsstukken, en artikel 62 verplicht tot het wissen van die gegevens zodra die termijn verstrijkt. Wij helpen de onderneming die twee uitersten, bewaren en wissen, in dezelfde procedure te organiseren.
Rijst er tijdens die begeleiding een concrete vraag over de herkomst van vermogen van een cliënt, dan zetten wij die vraag om in een audit legale herkomst. Heeft het personeel nood aan een opleiding op maat, dan verwijzen wij door naar onze AML opleiding. Een confrater die deze opdracht niet zelf opneemt, leest op de pagina voor doorverwijzende advocaten wat Everest (anti)fraud van een dossier overneemt en wat bij hem blijft.
Veelgestelde vragen
Wie is een onderworpen entiteit onder de antiwitwaswet?
Artikel 5, paragraaf 1, van de wet van 18 september 2017 somt de onderworpen entiteiten limitatief op, van de kredietinstellingen tot de bedrijfsrevisoren, de accountants, de belastingadviseurs, de notarissen en de gerechtsdeurwaarders. Een advocaat is enkel onderworpen entiteit voor een gesloten lijst van verrichtingen in artikel 5, paragraaf 1, 28°, zoals de oprichting of het beheer van een vennootschap. Buiten die lijst valt de advocaat niet onder de wet.
Wie moet een onderneming als AMLCO aanwijzen?
Artikel 9, paragraaf 2, van de wet verplicht elke onderworpen onderneming om één of meer personen aan te wijzen die de atypische verrichtingen analyseren en de melding aan de Cel voor financiële informatieverwerking voorbereiden. Het antiwitwasreglement van de Nationale Bank van België noemt die persoon de AMLCO en verplicht hem tot een jaarlijks activiteitenverslag aan de effectieve leiding en aan het wettelijk bestuursorgaan.
Hoe lang moet een onderneming haar antiwitwasdossiers bewaren?
Artikel 60 van de wet verplicht tot een bewaartermijn van tien jaar voor de identificatiegegevens en de bewijsstukken, te rekenen vanaf het einde van de zakelijke relatie of vanaf de occasionele verrichting. Artikel 62, paragraaf 1, verplicht de onderneming daarna om de persoonsgegevens te wissen zodra die termijn verstrijkt, onder voorbehoud van andere toepasselijke wetgeving.
Welke toezichtautoriteit is aangewezen voor mijn onderneming?
Artikel 85 wijst per categorie een toezichtautoriteit aan: de Nationale Bank van België voor de kredietinstellingen, de FSMA, het Instituut van de Belastingadviseurs en de Accountants, het College van Toezicht op de Bedrijfsrevisoren en de Nationale Kamer van Notarissen, elk voor hun eigen beroep. Artikel 132 laat die toezichtautoriteit een administratieve geldboete opleggen tot 5.000.000 euro of tien procent van de jaaromzet voor de grootste categorieën, en tot 1.250.000 euro voor de cijferberoepen en het notariaat.